Het is officieel winter en dat betekent dat in de komende maanden veel mensen weer gaan wintersporten. Vooral in de vakantieperiodes zorgt dit voor drukte op de wegen: zo’n 80 procent van de Nederlandse wintersporters rijdt namelijk met de auto naar de wintersportbestemming. Ben jij één van deze vele wintersporters, zorg er dan voor dat jij veilig bij de piste aankomt. Deze 5 tips vertellen je hoe.

1. Zorg dat je auto winterklaar is

Een goed begin is het halve werk. Zorg er dus voor dat je je auto ook onder winterse omstandigheden goed kunt blijven gebruiken. Winterbanden zijn een must (en in sommige landen zelfs verplicht) en voordat je vertrekt, laat je remmen, koelvloeistof, de ruitenwissers, de accu en de verwarming controleren. Ook handig om bij je te hebben: vaseline om de rubbers van de portieren in te smeren. Dit voorkomt dat de deuren ’s nachts vastvriezen.

 Zo kom je veilig met de auto op je wintersportbestemming - 5 tips om je op weg te helpen

2. Volg voor vertrek een slipcursus

Rijden onder winterse omstandigheden is heel anders dan in de regen – vooral in de bergen. Heb je hier nog geen of weinig ervaring mee, dan kun je overwegen om voor vertrek een slipcursus te volgen. Hierbij leer je hoe je je auto onder alle omstandigheden onder controle houdt.

3. Pak je auto slim in

Maak van het inpakken geen haastklus die vlak voor vertrek nog even snel geklaard moet worden, maar denk goed na over wat je meeneemt en waar je het weglegt. Neem behalve de gebruikelijke vakantiespullen ook extra dekens, extra eten (zoals boterhammen, chips, mueslirepen en noten), een thermosfles warme drank, warme kleding en een sterke zaklamp mee. Zorg dat dit onder handbereik ligt en leg de sneeuwkettingen bovenop alle bagage. Je wilt immers niet eerst je auto leeg hoeven te halen wanneer je deze nodig hebt.

4. Oefen met het omleggen van sneeuwkettingen

Sneeuwkettingen zijn onmisbaar wanneer je in de winter naar de bergen vertrekt. De kans bestaat dat je ze nodig gaat hebben, dus zorg ervoor dat je ook weet hoe je ze om de banden van je auto legt. Het slimst is het om dit thuis te oefenen, zodat je weet wat je doet en hoe het moet. Dit voorkomt veel ellende onderweg.

5. Weet wat je onderweg te wachten staat

Denk niet dat het navigatiesysteem je wel vertelt hoe je moet rijden, maar bekijk voor vertrek je route ook op de kaart. Zoek uit waar de knelpunten zitten en wat mogelijke alternatieve routes zijn. Ook is het fijn om te weten waar benzinestations zijn. Check vlak voor je gaat rijden hoe de weersomstandigheden zijn en of bergpassen of andere wegen afgesloten zijn.

Natuurlijk zorg je er ook voor dat je voor vertrek goed uitgerust bent en ook onderweg las je voldoende pauzes in om even bij te komen van het autorijden. Krijg je te maken met sneeuwval, pas hier je rijstijl op aan. Je kunt immers beter wat langer over de rit doen, dan wanneer je een ongeluk krijgt. Door de bovenstaande vijf tips te volgen, ga je in ieder geval goed voorbereid op reis.